<<Vorig Archief | Volgend Archief>>

Hoe goed de dood je staat

Hoe goed de dood je staat



Dat ben ik niet,
vertel je in mijn droom.
En ik voel dat je slaapt
totdat dit voorbij is.

Zwartgewaad zuivert je met het neerslaan
van haar oogleden, ontneemt je
moed (niet meer nodig),
bleke onschuld (overdadig).

Er loopt rood langs borst
en beenderen, de wonden verborgen.
Kort knipper je met je ogen het bloed weg,
laat mij hangen in je exterieur.

Ik ontwaak je weg en opgestegen,
woordenschreeuw maar ik blijk stil, en
onvergeeflijk te laat om je te zeggen
hoe goed de dood je staat.


.

Vandaag is het Gedichtendag. Het thema dit jaar is 'poëzie en beeldende kunst'. Ik heb dit gedicht geschreven bij de foto xteriors viii van de Nederlandse fotografe Desiree Dolron (de foto staat op de openingspagina).




De revolutionair

.

De man kwam verhaal halen bij me op kantoor. "Waarom is mijn ingezonden brief godverdomme niet geplaatst?"
Buiten was het rond het vriespunt, het ijzelde lichtjes. Hij leek het echter helemaal niet koud te hebben. Vanuit zijn losjes openhangende spijkerjasje staken een dikke buik en twee harige, hangende mannenborsten naar buiten, op zijn grijsbebaarde hoofd een stoffige baret.
Goedemorgen.

Enkele weken geleden had hij een ingezonden brief gestuurd. Over AWACS bij Schinveld, over Irak, en over hoe Nederland ‘Amerika, de grote leugenaar, kritiekloos in de reet kruipt’. "Amnesty zou eens een fakkelwake tegen Amerika moeten houden!".
Ik legde hem uit dat dit thema de regio ruimschoots overstijgt, en dat dergelijke brieven niet thuishoren in onze ‘Ingezonden’-rubriek, die zich tot de regio beperkt. Daarmee nam hij al snel genoegen, al kwam dat waarschijnlijk niet omdat mijn uitleg zo duidelijk was overgekomen. Nee, hij luisterde maar half, omdat hij vooral zelf iets te zeggen had. Tegen iedereen die maar luisteren wilde, of niet.

Hij begon opnieuw te fulmineren tegen Amerika (“De ware dictator!”), Balkenende en de toestand in de wereld. Ik hoorde hem rustig aan, en dat merkte hij. Want goed luisteren, dat kan ik wel. En hoewel elke nuance zoek was, begreep ik ergens wel waar zijn frustratie vandaan kwam.
Hij ging door. De receptioniste achter de balie maakte me met haar blik duidelijk dat ze door zijn litanie geen telefoongesprek kon voeren, en dus nam ik hem even mee naar de koffiehoek. Hij nam zijn baret af. Zweetdruppels parelden op zijn voorhoofd, onder de haren op zijn andere zichtbare lichaamsdelen verscheen een rode kleur.

“Weet je, het is tijd voor een revolutie. Ik ben een revolutionair!” Hij glimlachte triomfantelijk. Ik knikte.
“Lang geleden liep ik eens mee in een demonstratie, ik weet niet meer waar. Ik schreeuwde: ‘Viva la menstruation! Viva la menstruation!’. Twee mannen die naast me liepen vroegen me: 'Bedoel je niet ‘Viva la Revolution!?’ Waarop ik zei: ‘Maakt me niet uit, als er maar bloed vloeit!’” Hij grijnsde. “En zo is het.”

Ik leidde hem met zachte dwang terug naar de uitgang. In de deuropening zei hij: “Je zou eens bij me moeten komen, dan kunnen we kletsen.”
Ik glimlachte en kneep hem zachtjes in zijn bovenarm. De revolutionair zette zijn baret weer op en verdween met open spijkerjasje in de ijzel.

.




Onthoudbriefjes

things to do list


.
Bovenstaande note to self komt niet uit een van mijn eigen schoenendozen vol oude ansichten, ‘lievdesbrievjes’, foto’s en tekeningen, maar het had – op de Engelse taal na – zo van mij kunnen zijn. Het voert me in ieder geval direct terug naar toen ik die jonge leeftijd en de bijbehorende dagbesteding had.
De essentie van schrijversschap – hoe je dat verder ook wenst in te vullen - begint daar, op dat moment. Zodra je leert hoe te schrijven moet je ook schrijven, en blijf je schrijven. De ontdekking dat je je letters zo groot en scheef mag schrijven zoals je dat zelf wilt. Kleine gekleurde briefjes als een miniatuurdoek, een kunstwerk wachtend op creatie, waarop jij alles mag schrijven wat je maar wilt.

De onthoudbriefjes – ik noem ze ook wel ttdl’s (things to do lists) – vormen een hele eigen categorie binnen het schrijven. Het was voor mij de eerste schrijfvorm die ik dagelijks exerceerde. Niet uit gewoonte, ook niet uit noodzaak, maar uit plezier en de zucht naar nieuwe ontdekkingen. Ik kon me bij het naar bed gaan dingen voornemen die eigenlijk helemaal niet belangrijk waren, maar ergens school zoveel genot in het schrijven van een onthoudbriefje als:

- teekensgrift meenemen
- spelen met sjoert?
- top tien (*)

Zonder dat ik het toen begreep was het fijne eraan gewoon wakker te worden en je zelfgeschreven opdrachtjes in nieuw daglicht te zien – opdrachtjes die je nog eens dolgraag wilde uitvoeren ook! Bij voorkeur legde ik de briefjes neer op de plek waar ik dacht ’s ochtends met mijn goede been uit bed te stappen. Soms werd het ook de deurkruk, of ergens tussen deur en bed. Op een gegeven moment ontging dit ook mijn ouders niet – wellicht omdat mijn slaapkamervloer na een week bezaaid was met gele briefjes - maar hun vriendelijke advies om ‘aankleden’ op mijn onthoudbriefje te schrijven vond ik een ongepaste plagerigheid voor zo een joyeuze bezigheid.

Het plezier verdween echter langzamerhand toen ik de briefjes voor mijn wekker begon te plaatsen, om met een slaperig zicht als eerste een moeten te moeten zien in plaats van een ondraaglijk vroeg tijdstip. Of nog erger, toen ik de briefjes ’s avonds in een van mijn sokken stopte die ik de volgende dag zou dragen (dat was overigens de enige periode in mijn leven dat ik al voor het slapen gaan het paar sokken pakte dat ik de volgende ochtend zou gaan dragen. Waar mijn schone sokken tegenwoordig vandaan komen is me soms een raadsel...). Wat eens plezierig was devalueerde tot de gebruikelijke knoop in de zakdoek. Een ’s avonds geschreven Duits hfd. 3.4 leren bleek de volgende ochtend weinig charmant, al zat er onmiskenbaar een zekere functionaliteit in verscholen.
Het kenmerk van knopen in zakdoeken is dat ze niet zeggen wat je moet onthouden, maar dat ze je herinneren aan wat je moet onthouden. Mocht ik het al vergeten zijn, het was mijn rechtervoet ’s ochtends om het even of hij bij het aantrekken van een sok een beschreven briefje tegen zijn tenen voelde kreukelen, of een onbeschreven briefje. Beide waren even vervelend. Niet omdat je al te laat was en dan ook nog je sok eerst weer moest uittrekken, maar omdat datgene wat er al dan niet opstond niet iets was om je op te verheugen.

En dus ben ik uiteindelijk– hoewel dit minder lang geleden is dan je zou verwachten – gestopt met het schrijven van echte onthoudbriefjes. Er bleef gewoon niets over om te schrijven. En om nu dadelijk ‘werken’ op zo'n briefje te noteren... Nee, de voornaamste reden om geen onthoudbriefjes meer te maken – afgezien van de ietwat obligate ‘wat moet ik meenemen op vakantie’-lijstjes – is dat wat ik nu zou moeten schrijven gewoon niet leuk is om morgenochtend te lezen. Dus: geen Word-documenten met taken meer, geen afvink- of doorstreeplijstjes meer met dingen als ‘rekeningen betalen’, ‘x bellen’, ‘y regelen’...
Moeten heeft de onthoudbrief vermoord.

Maar straks, voor het slapen gaan, zal ik mijn vrijschrijfbrief in ere herstellen. Ik ga een onthoudbriefje schrijven, een kleine gele. Niet voor in een sok, en niet met dingen die moeten, maar gewoon voor op de vloer en met dingen die fijn zijn om te doen of te denken, morgen of wanneer dan ook.
Slordig opgeschreven fluisters uit de nacht maken kleine mooie beloftes in de ochtend.


.

(*) Noot: dit kon een top tien zijn van meisjes, voetballers of muzieknummers - lijstjesmanie avant la lettre - die daarna gretig werd uitgewisseld, bestudeerd en becommentarieerd op het schoolplein, tijdens de pauze.

.




2005 - #01 Vashti Bunyan - Lookaftering

Vashti Bunyan - Lookaftering



Tijdloos. Waarom komt dat woord toch steeds bij me op als ik Vashti Bunyan’s Lookaftering hoor? Ik vind dit fantastisch vanwege haar stem, haar koestering, haar liefde voor de natuur, haar wijsheid verpakt in broze, breekbare zang en teksten, vol reflectie en tederheid. Maar wat is er meer? Wat maakt dit tijdloze muziek? Is het toch het prachtige verhaal, haar eigen verhaal dat ze zo glansrijk heeft ingehaald?

Een onwaarschijnlijk verhaal is het zeker. Vashti neemt als folkzangeres midden jaren ’60 enkele singles op – waaronder een Jagger/Richards nummer - die allen floppen. Teleurgesteld in de muziekindustrie en managers die zich enkel afvragen of ze commercieel interessant kan zijn, vertrekt ze. Weg van huis en familie, weg van alles. Met enkel een paard, een woonwagen en haar vriend trekt ze door Engeland, straatarm maar met het hoofd vol dromen en beelden. Ze ontmoet Donovan - die haar geld leent - en The Incredible String Band, waarvan ze niet eens weet wie het zijn omdat ze geen radio heeft en dus geen muziek meer luistert. Maar tijdens die twee jaar schrijft ze liedjes, prachtige folkliedjes, die uiteindelijk in 1970 verschijnen op Just Another Diamond Day. De plaat is een gedicht, een zeezicht onder caleidoscopische luchten, een surreële liefdesverklaring aan de mysterieuze natuur en aan liefde zelf, een wensdroom.
Maar ook deze debuutplaat flopt, waarop ze besluit naar Ierland te gaan en haar schepen definitief te verbranden. Ze woont op een boerderij, brengt kinderen groot, en verzoent zich met dat leven. Tot ze in 1997 een computer koopt, voor de grap haar eigen naam intikt in een zoekmachine, en tot haar verbazing ziet dat Just Another Diamond Day wel degelijk bewonderd wordt en een collector’s item is geworden dat op internet voor grof geld wordt verhandeld. Ze geeft het album in 2001 opnieuw uit en wordt door Piano Magic, Animal Collective en Devendra Banhart gevraagd om op hun platen te spelen. En nu, 35 jaar na haar debuut, is daar haar prachtige tweede album, geproduceerd door Max Richter.

Ik kon het niet onverteld laten, maar het is uiteindelijk niet dat wonderlijke verhaal dat dit album zijn gouden gloed meegeeft. Het is de overtuiging en openheid waarmee ze je laat voelen hoe zo een grootse overwinning op jezelf zo binnen handbereik kan zijn. Hoe funest spijt kan zijn als je het niet om weet te zetten in acceptatie, en verder kunt gaan. Stel je voor: Je wordt wakker uit een dertig jaar durende winterslaap, opent de ogen en ziet dat de dromen van iemand die je nauwelijks nog herkent – jezelf, dertig jaar geleden – nog zo levensvatbaar blijken te zijn. Dat je droom van toen, nu wordt bewonderd. In al je wankele onzekerheid krabbel je op, val je weer maar zet je toch door, om uiteindelijk een fabuleus album te schrijven alsof je nooit anders hebt gedaan.
Op Lookaftering hoor je de wijsheid en verzoening die je normaal pas hebt kunnen vergaren na je dood (als je geluk hebt). Maar Vashti werd opnieuw geboren. Nog wel gebruind en getekend door haar zonnekind-jaren, maar met een hernieuwd soort onschuld. Bij haar een rugzak vol ervaringen, herinneringen aan liefde en pijn, de ineenstorting van haar muziekdroom en de keuze voor een gezinsleven in totale afzondering. Maar de rugzak is van zwaar ineens licht geworden. Die inhoud - licht door gevoelige acceptatie en heldere inzichten - is nu de bron voor Lookaftering, een plaat met elf liedjes die zonder uitzondering briljant zijn.

En zo is alles ineens veranderd, alsof de zomer plotseling op de winter volgde. Dat dat een geschenk kan zijn hoor je op deze plaat. Vashti zingt hoopvol, als gedragen door de elementen die ze zo koestert. Haar engelachtige stem zingt en neuriet me zo fluwelenzacht en dromerig door haar leven, dat ze uiteindelijk ook mijn leven bezingt, me meeneemt op reis en me laat passeren. Om weer verder te gaan. Existentiële twijfels niet terugbrengen tot iets onbeduidends, nee: ze volmondig erkennen en het verdriet aanvaarden, maar ook zien dat morgen de blauwe lucht, dat morgen de zon. Als een blad door het leven waaien, en groeien in het geloof dat dat blijvend is. Dat je tijdloos bent.

.




2005 - #02 Animal Collective - Feels

Animal Collective - Feels

Ondersteboven, was en ben ik nog steeds van Feels. Eerst is er het carnaval van waanzin: Animal Collective een stoet uitbundig uitgedoste muzikanten, confetti en kinderen met ijsjes, iedereen lacht en danst, er is drank en gekte neemt de overhand. Topsport, deze plaat, voor zoveel lichaamsbeweging heeft het gezorgd. Springen, rennen, funny walks, dansen, seks, rare gezichten trekken, je weer negen voelen, onverstaanbare kreetjes meeblèren. Feels is als een overvloed aan dopamine, je krijgt duizenden gevoelens en gedachten te verwerken en dat is al snel te veel. Dan neemt die heerlijke gekte over en uit je je blijdschap fysiek, zijn alle uitkomsten van je gedachten beweging. Om jeukend gek van te worden, zo lekker.

Zanglijnen tuimelen over elkaar heen, de tekst eerder ritmes op zichzelf dan te verstaan in context, steeds weer verrassende wendingen, en je kunt alleen maar verbaasd zijn en je overgeven aan dit blije geklieder. Vertellen dat zij het paars in je is, dat je samen naakt gekke gezichten in de badkamerspiegel wilt trekken. Het klinkt misschien cliché, maar dit is de soundtrack onder alle vrolijke momenten. Dansend door de kamer, hipslapping, de slappe lach tijdens het verwisselen van een doucheslang, haar lach gedrukt op de mijne...
Feels laat me voelen hoe bijzonder het gewone toch is, hoe ik nog pure, onversneden blijdschap in me draag. Ik verwonder me over alles, geef me over en ga op in de euforie.

Na het orgasme, moegedanst en spierpijn gelachen, is daar het tweede deel van Feels. 'Banshee Beat', 'Daffy Duck', 'Lock Raven' ... het zijn de tedere handen die je eeuwige glimlach strelen. Meditatief onderga je opnieuw alles wat je net hebt meegemaakt. Ineens vallen de woorden van de hectische eerste nummers ook op hun plek. Het gaat eigenlijk over het allersimpelste, allerfijnste: liefde. De tederheid van de euforie van net correspondeert prachtig met het tweede deel van de plaat. Feels na zonsondergang is bijkomen met je aura euforie-gekleurd. Dromerige gelukzaligheid tot het feest opnieuw begint.


.

(Lees ook de gelukzaligheid van Moniiq en Joris over Feels).




.