2006 #05 - Beirut

The times we had
Oh, when the wind would blow with rain and snow
Were not all bad
We put our feet just where they had, had to go
Never to go
The shattered soul
Following close but nearly twice as slow
In my good times
There were always golden rocks to throw at those
who admit defeat too late
Those were our times, those were our times
And I will love to see that day
That day is mine
When she will marry me outside with the willow trees
And play the songs we made
They made me so
And
I would love to see that day
Her day was mine
Op het buitenterras van een café, ergens aan zee in Hongarije, voerden zij onder slingers van feestlampjes een dronken liefdesdans op. Het orkestje speelde bij elke nieuw aangerukte fles wijn beter. Haar heupen wiegden tegen zijn bovenbenen, hij omklemde haar stevig en liet het zout op haar rug tussen zijn vingers rollen. Hij dacht aan hoe ze zich eerder die dag op het strand, na een speelse pirouet, theatraal in het zand had laten vallen. En hoe hij toen door verliefdheid gestoken werd. Hun blote voeten tekenden een onuitwisbaar spoor van danspasjes in het zand. Zij voelde zijn warme handen dansen met het schurende zand op haar schouderbladen, en herinnerde zich hoe hij het zigeunerorkestje op Vörösmarty Tér ten koste van alles een liedje wilde leren spelen. Hun liedje.
'Postcards from Italy' was hun liedje en zij hadden het zelf geschreven. Of beter, het schreef zichzelf. Zij kende het gevoel van zijn regen en sneeuw, en wilde die last dolgraag voor hem dragen. Hij hoorde de echo van haar stem in zijn hoofd datgene zeggen wat ze zo vaak zei - bij voorkeur in bed: "Laten we gouden stenen gooien naar zij die hun verlies te laat erkennen." Altijd gevolgd door haar gegiechel, maar dreigend van toon en achteraf gezien pijnlijk voorspellend.
Het derde couplet schreef hij alleen, toen ze twee weken op familiebezoek was in Italië. Hij durfde het toen te schrijven, het bestaand te maken. Een sacraal voornemen. Ze hadden de vorige zomer in Italië gevreëen onder die wilgen. Ze had hem haar littekens laten zien, en hij had ze met zijn liefde omsloten. Hij had haar verteld van zijn gekte, en zij had zijn haar gestreeld en gefluisterd dat haar dagen de zijne zouden zijn.
Drie dagen nadat ze had moeten terugkeren uit Italië kreeg hij een kaartje van haar, een week eerder gepost. Het was een lelijke toeristenkaart uit de jaren '70, waar ze een zwak voor had. "Nog een paar dagen en ik ben weer bij je. Dan hoeven mijn voeten nooit meer zonder de jouwe te gaan." Maar ze kwam niet. Ze zou nooit meer komen.
Wekenlang probeerde hij een vierde couplet te schrijven - verlangend een droom om te zetten in realiteit - maar hij kreeg geen letter op papier. Het liedje had zichzelf, had hun voltooid. Hij zag haar voeten voor zich, haar tenen die tijdens het dansen in het zand grepen, en hoorde in zijn hoofd treurige flarden muziek van het orkest dat die avond zo vurig gespeeld had. Hij rende naar het café, in de hoop iets aan te treffen dat de afgelopen paar weken van zijn leven zou ontmaskeren als een nare droom. Maar het orkest was al lang verder getrokken.
MP3: Postcards from Italy
Website: Beirut
Comments
pfoe... mooi zeg.
perfect :)
Dank, dank!

