The Arcade Fire @ Melkweg
Het is een ding om een fantastische plaat te maken, er live een net zo fantastisch vervolg aan geven slaagt slechts zelden. In mijn beleving eigenlijk nooit meer. Daarvoor moet ik toch terug naar mijn tienerjaren, ben ik bang. Het voelen van die totale sensatie en euforie, dat je je alles even kunt overgeven, je ‘in dienst stelt’ of opoffert, binnen laat stromen wat er vanaf het podium tegenover je aan je gegeven wordt. Zonder dat ik of de band daar moeite voor hoef te doen; dat het gewoon gebeurt. Dat was simpelweg gemakkelijker toen ik jonger was. Ik had er ook een niet te stillen honger naar, en dat is het halve werk. Zonder jezelf voor de gek te houden kon ik me de wil opleggen om dat gevoel – al was het slechts subtiel of bij vlagen aanwezig – te grijpen en in mij op te sluiten.
Gisteravond gebeurde het weer, en ik had eerlijk gezegd niet gedacht dat het nog kon. Of dat ik het nog kon. The Arcade Fire in de Melkweg was compleet overrompelend, een frontale aanval die mijn composuur en zijn aan gruzelementen sloeg en iets kleins en warms en glinsterends in mij naar boven bracht. Ik was de enige die dat van me zag en voelde, en dat was al vreemd genoeg. Mensen om me heen weten, bierbekertjes horen, zelfs het simpele besef dat je in een gebouw bent en naar een concert kijkt; ik wist het allemaal wel maar was daar buiten.
Het voelt niet als tekortkoming maar als domheid om nu precies uit te leggen wat er dan op het podium gebeurde, hoe het dan klonk, wat er dan zo bijzonder was. Ik benijd de recensieschrijvers dan ook niet. Het moet zonder concretisering blijven, zonder het zoeken naar woorden die de lading mogelijk zouden dekken. De energie, het geluid, de overgave, de muziek, de sfeer, intensiteit, genialiteit; zowel jij als ik schiet niets op met die woorden. Neem ze van me aan, kijk er doorheen en vergeet ze weer. En laat het zo.
Voor en na concerten luister ik eigenlijk nooit naar muziek van de optredende band. Distantie creëren, uit (voor)zorg, ‘live is niet als de plaat’, een kleine voorbereiding. Als het al niet is om vooraf de live-ervaring niet in de weg te willen zitten, dan wel omdat ik het concert nadien nog wil laten echoën, het de kans wil geven om uit te werken en een mooi onderkomen in mijn onthoud te vinden. Maar dat is nu gewoon niet mogelijk – of niet nodig, meer – en dat voelt als voor het eerst. De echo’s van gisteravond versmelten met de muziek die nu weer uit de speler komt. Het treft me opnieuw diep in het hart, ik zie en voel de glinstering, het straalt uit naar de rest van mijn lijf en kruipt en kriebelt overal, koud en warm. Het verbindt gisteravond met nu en ik kan het niet vergeten want het voelt zo en daar zal ik het als een diepe, diepe buiging bij moeten laten.

